Citaat | Gerechtshof Den Haag 21 april 2020

Onder 4.2.38 Gerechtshof Den Haag 21 april 2020

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 21 april 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:1624.

De omstandigheid dat de prioriteitsaanvraag KR 6500 ook zelfstandig is doorgezet en heeft geleid tot het op 13 november 2013 aan Samsung verleende Europees octrooi EP 2 357 538 (hierna: EP 538) leidt evenmin tot nietigheid van EP 537, zoals door DR c.s. verdedigd. Het enkele feit dat EP 537 en EP 538 overlappende conclusies hebben (volgens DR c.s. berusten conclusies 1 tot en met 3 van EP 537 en conclusies 1 tot en met 4 van EP 538 op dezelfde uitvinding(sgedachte)), maakt nog niet dat EP 537 ongeldig zou zijn. Dat geldt temeer omdat juist EP 537 een ruimere beschermingsomvang heeft en bovendien eerder is verleend dan EP 538. In het bijzonder geldt dat conclusies 1 en 2 een ruimere beschermingsomvang hebben omdat daarvan het transportorgaan – anders dan bij alle conclusies van EP 538 – geen deel uitmaakt. Het standpunt van DR c.s. dat conclusies 1 en 2 wegens het ontbreken van het transportorgaan (60) nietig zijn, zodat (hooguit) identieke conclusies overblijven moet, zoals hiervoor is overwogen, worden verworpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91cd6bb72f5e3757c23e730a4403161666cfbf3b9ef25529dfcf0a564dc2f8e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91cd6bb72f5e3757c23e730a4403161666cfbf3b9ef25529dfcf0a564dc2f8e2, en de alinea staat in dat document op bytes 106960 tot 108007.