Citaat | Gerechtshof Den Haag 29 september 2020

Alinea 52 Gerechtshof Den Haag 29 september 2020

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 29 september 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:1848.

29. Het verzoek van [werknemer] tot uitbetaling van zijn nog openstaande vakantiedagen over de jaren 2016 tot en met 2018 waarop hij stelt recht te hebben, is niet toewijsbaar. Vanaf 1 juli 2016 is sprake van een uitzendovereenkomst fase 3. In fase 3 is, anders dan in fase 1 en 2, geen sprake van een reservering voor (onder meer) vakantiedagen die wordt uitbetaald, maar van een aanspraak op vakantiedagen die door de werknemer kunnen worden opgenomen. Van een recht op uitbetaling van deze vakantiedagen kan in beginsel pas sprake zijn nadat de arbeidsovereenkomst is geëindigd. Aangezien de uitzendovereenkomst nog voortduurt, doet die situatie zich (nog) niet voor.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3f73fa8bf0cb3e85500d806bc3361403bdcc605953e9bdec69f822e199128b3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3f73fa8bf0cb3e85500d806bc3361403bdcc605953e9bdec69f822e199128b3a, en de alinea staat in dat document op bytes 28836 tot 29520.