Citaat | Gerechtshof Den Haag 16 juni 2020
Alinea 63 Gerechtshof Den Haag 16 juni 2020
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 16 juni 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:2297.
Ten tijde van de bedrijfsoverdracht in april 1997 was appellant niet op de hoogte van mogelijke gedachtes van erflater zoals geformuleerd in het testament van erflater. Indien erflater in december 2011 van mening mocht zijn geweest dat in de desbetreffende bedrijfsoverdracht een schenking was verweven, wordt dit door appellant uitdrukkelijk bestreden. Eerst 14 jaar na de bedrijfsoverdracht maakt erflater in zijn testament kenbaar dat appellant in de visie van erflater door de bedrijfsoverdracht is bevoordeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/080f24a9ca23650861775616f08e237f669a93812ebe5bf2fc25d348119f10df. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 080f24a9ca23650861775616f08e237f669a93812ebe5bf2fc25d348119f10df, en de alinea staat in dat document op bytes 21027 tot 21556.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/080f24a9ca23650861775616f08e237f669a93812ebe5bf2fc25d348119f10df | shasum -a 256