Citaat | Gerechtshof Den Haag 16 juni 2020

Alinea 78 Gerechtshof Den Haag 16 juni 2020

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 16 juni 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:2297.

17. Geïntimeerde heeft in randnummer 9 van de conclusie van antwoord tevens houdende vordering in reconventie eveneens gesteld dat erflater en appellant in 1986 een overeenkomst van maatschap met elkaar zijn aangegaan. Voorts stelt geïntimeerde dat erflater en appellant op 30 april 1997 hebben besloten om de maatschap te ontbinden. In randnummer 27 tot en met 30 van conclusie van antwoord in conventie tevens houdende vordering in reconventie is geïntimeerde ingegaan op de bedrijfsovername door appellant van erflater. Geïntimeerde stelt in randnummer 28: “Gedaagde is zich bewust van het feit dat er in literatuur en rechtspraak veel is geschreven en gezegd over schenkingen, bedrijfsovernames binnen de familie en de legitieme portie. Uit de rechtspraak blijkt ook dat er terughoudend wordt omgegaan met het meenemen van een schenking bij een bedrijfsovername bij het berekenen van de legitieme portie.”. Uit het betoog van geïntimeerde volgt naar het oordeel van het hof dat geïntimeerde ermee bekend is op welke wijze vorm wordt gegeven aan een bedrijfsoverdracht in de agrarische sector.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/080f24a9ca23650861775616f08e237f669a93812ebe5bf2fc25d348119f10df. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 080f24a9ca23650861775616f08e237f669a93812ebe5bf2fc25d348119f10df, en de alinea staat in dat document op bytes 29940 tot 31061.