Citaat | Gerechtshof Den Haag 2 december 2020

Onder 5.5.1. Gerechtshof Den Haag 2 december 2020

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 2 december 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:2349.

Belanghebbende stelt evenwel dat het in rekening brengen van belastingrente over de periode dat het geld op de bankrekening van de Belastingdienst stond, zich niet verdraagt met een grammaticale uitleg van artikel 30fb AWR, omdat (bedrijfs)economisch gezien geen sprake kan zijn van rente als er geen daarmee samenhangende schuld is. Die situatie doet zich volgens belanghebbende vanwege de betaling van de eerste voorlopige aanslag voor in de periode 1 juli 2017 tot 24 maart 2018.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcea8e9a61cae50fffa084c7d572384a06f0e7ef7943fe8ededab8cbb6e158a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcea8e9a61cae50fffa084c7d572384a06f0e7ef7943fe8ededab8cbb6e158a4, en de alinea staat in dat document op bytes 23728 tot 24223.