Citaat | Gerechtshof Den Haag 21 januari 2020

Onder 5.5 Gerechtshof Den Haag 21 januari 2020

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 21 januari 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:26.

Tussen partijen is niet in geschil dat het gebruik van de overnachtingshaven enkel openstaat voor schippers die zich met beroepsvaart bezighouden. De beroepsvaart op de Waal moet zich houden aan de maximale vaar- en rusttijden uit de Binnenvaartwet. Daartoe zijn langs de Waal overnachtingshavens ingericht, waarvan de overnachtingshaven er één is. Afmeren op de Waal zelf is niet toegestaan. Schippers zijn dus als onderdeel van hun vervoersactiviteit op de Waal verplicht om op gezette tijden van de overnachtingshavens gebruik te maken. Daarmee staat het gebruik van de overnachtingshavens in zodanig verband met de beroepsvaart op de Waal dat het geacht moet worden daarvan deel uit te maken (vgl. het arrest van de Hoge Raad van 22 juni 1973, ECLI:NL:HR:1973:AC5347). De beroepsvaart op de Waal behoort ontegenzeggelijk tot het gewone economische verkeer. Het gebruik van de overnachtingshavens maakt dus deel uit van het gewone economisch verkeer op de Waal. Verder staat vast dat (in de terminologie van het arrest van de Hoge Raad van 12 juni 1951) “ met enige duurzaamheid en frequentie ” van de overnachtingshavens gebruik wordt gemaakt. In het verlengde van de Waal moeten dus ook de overnachtingshavens als openbaar vaarwater worden aangemerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f41b484a7cf37a4e9b52a423553041ed4f5a3421fdbfce08d9602c69bae0ea38. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f41b484a7cf37a4e9b52a423553041ed4f5a3421fdbfce08d9602c69bae0ea38, en de alinea staat in dat document op bytes 32580 tot 33888.