Citaat | Gerechtshof Den Haag 3 december 2020

Alinea 64 Gerechtshof Den Haag 3 december 2020

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 3 december 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:2928.

Het hof is van oordeel dat het voornoemde toegepaste geweld van de verdachte, in het bijzonder het met kracht schoppen en slaan tegen het gezicht en lichaam van aangeefster, terwijl zij op dat moment weerloos op de grond lag, gelet op de aard van de gedragingen en de omstandigheden waaronder deze zijn verricht, een aanmerkelijke kans op zwaar lichamelijk letsel bij aangeefster in het leven heeft geroepen. Het is immers een feit van algemene bekendheid dat het gezicht bijzonder kwetsbaar is. Zo kan door met kracht in een gezicht van een weerloos slachtoffer te slaan of schoppen, gemakkelijk de kaak en/of de oogkas en/of het neusbot breken, waarbij veelal operatief ingrijpen noodzakelijk is of blijvende littekenvorming in het aangezicht ontstaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7d2c65eac5a81d8e210696c0b6017cbf94cf7f0a01a5dea458ff1f38ac2fc34d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7d2c65eac5a81d8e210696c0b6017cbf94cf7f0a01a5dea458ff1f38ac2fc34d, en de alinea staat in dat document op bytes 18266 tot 19036.