Citaat | Gerechtshof Den Haag 25 februari 2020
Onder 8.3. Gerechtshof Den Haag 25 februari 2020
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 25 februari 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:751.
Alles afwegende neemt het hof dan ook evenals de rechtbank aan dat de officier van justitie uit coulance heeft besloten om de betreffende beschikkingen niet in stand te laten. De bijzondere omstandigheden van het geval (de beschikkingen zijn opgelegd nadat de auto reeds was gesloopt, hetgeen de officier van justitie aanvankelijk niet wist en ook niet hoefde te weten) wijzen hier onmiskenbaar op. De omstandigheid dat de officier van justitie het woord ‘vernietiging’ heeft gebruikt, maakt dit niet anders, zeker niet nu dit past in het systeem van de Wahv (dat ‘vernietiging’ kent) en nu de strekking van de beslissing van de officier van justitie is dat het besluit wordt herroepen. Dit behoorde tot zijn discretionaire bevoegdheid. Van een erkenning door de officier van justitie van een fout of een onrechtmatigheid in vorenvermelde zin is geen sprake. Deze beslissing van de officier van justitie heeft alleen voor de toekomst gevolgen en kan niet leiden tot de vaststelling dat onrechtmatig is gehandeld, laat staan dat het leidt tot een recht op schadevergoeding op grond daarvan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ae75acbecbdb7117ff0378ddf4efa71c8819a0dbd3270ff02ea238c32ee0b7d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ae75acbecbdb7117ff0378ddf4efa71c8819a0dbd3270ff02ea238c32ee0b7d, en de alinea staat in dat document op bytes 31175 tot 32286.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8ae75acbecbdb7117ff0378ddf4efa71c8819a0dbd3270ff02ea238c32ee0b7d | shasum -a 256