Citaat | Gerechtshof Den Haag 31 maart 2020
Alinea 64 Gerechtshof Den Haag 31 maart 2020
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 31 maart 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:784.
16. Uit de omstandigheid dat een levering onder bezwarende titel heeft plaatsgevonden, volgt echter niet noodzakelijkerwijs dat deze prestatie dient te worden aangemerkt als een economische activiteit waarvoor [belanghebbende] als belastingplichtige moet worden beschouwd. Daarvoor is namelijk vereist dat de daartoe behorende werkzaamheden duurzaam zijn, dat vergoedingen worden betaald aan de persoon die de werkzaamheden verricht en dat deze naar hun aard door marktdeelnemers kunnen worden verricht (vgl. HvJ 13 december 2007, Franz Götz, C-408/06, ECLI:EU:C:2007:789 en HvJ 26 juni 2007, T-Mobile Austria e.a., C-284/04, ECLI:EU:C:2007:381).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/692d7aeb2126179746f30073c46e5e877be58fefb8e73f8dd4a5f6785eec39a2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 692d7aeb2126179746f30073c46e5e877be58fefb8e73f8dd4a5f6785eec39a2, en de alinea staat in dat document op bytes 24897 tot 25557.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/692d7aeb2126179746f30073c46e5e877be58fefb8e73f8dd4a5f6785eec39a2 | shasum -a 256