Citaat | Gerechtshof Den Haag 26 januari 2021

Onder 3.8. Gerechtshof Den Haag 26 januari 2021

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 26 januari 2021, ECLI:NL:GHDHA:2021:341.

“De verdediging stelt zich – kort gezegd en zakelijk weergegeven – op het standpunt dat het gronddelict waarvoor de veroordeelde is veroordeeld deelneming aan een criminele organisatie betreft, en niet het invoeren van verdovende middelen, zodat het Gerechtshof de feiten zoals vastgesteld in het Britse vonnis had moeten kwalificeren onder artikel 11b van de Opiumwet, dan wel artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht en de straf had moeten verminderen tot zes jaren, subsidiair acht jaren, meer subsidiair tien jaren en acht maanden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f151ced12e1a9d5e892025bec96b669f32e605ba4f455e84597ddac5656ea734. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f151ced12e1a9d5e892025bec96b669f32e605ba4f455e84597ddac5656ea734, en de alinea staat in dat document op bytes 16330 tot 16943.