Citaat | Gerechtshof Den Haag 26 januari 2021

Onder 6.6. Gerechtshof Den Haag 26 januari 2021

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 26 januari 2021, ECLI:NL:GHDHA:2021:341.

In deze zaak gaat het niet om de tenuitvoerlegging van een Nederlands strafvonnis maar om de tenuitvoerlegging van een buitenlands, in Nederland erkend strafvonnis. De daarin opgelegde straf is door de Minister naar beneden gebracht in lijn met het aanpassingsoordeel van het hof Arnhem-Leeuwarden. De vraag is of een veroordeelde zich in een civiele procedure kan beroepen op een fout in zo’n aanpassingsoordeel en zo ja, welke regels dan gelden. Door de aanpassing is het desbetreffende buitenlandse strafvonnis gewijzigd in die zin dat in Nederland niet meer de hele (in het VK) opgelegde straf kan worden geëxecuteerd. Als in een voorkomend geval het oordeel van het hof Arnhem-Leeuwarden een kennelijke fout in de hiervoor bedoelde zin bevat, is het conform dat oordeel aangepaste strafvonnis dus als het ware ook die fout gaan bevatten. Zo bezien brengt (analoge) toepassing van de hiervoor vermelde rechtspraak mee dat een veroordeelde zich jegens de Minister kan beroepen op een kennelijke fout in het oordeel van het hof Arnhem-Leeuwarden (en dus in het aangepaste strafvonnis). Tenzij in redelijkheid niet van een zodanige kennelijke fout kan worden gesproken, ligt het in de rede dat de Minister zich tot het hof Arnhem-Leeuwarden richt met de vraag of inderdaad sprake is van een vergissing, nu dit de aangewezen instantie is om hierover uitsluitsel te geven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f151ced12e1a9d5e892025bec96b669f32e605ba4f455e84597ddac5656ea734. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f151ced12e1a9d5e892025bec96b669f32e605ba4f455e84597ddac5656ea734, en de alinea staat in dat document op bytes 31434 tot 32823.