Citaat | Gerechtshof Den Haag 10 mei 2022
Alinea 63 Gerechtshof Den Haag 10 mei 2022
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 10 mei 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:2998.
10. Het hof Amsterdam heeft volgens de Hoge Raad nagelaten (kenbaar) te onderzoeken en vast te stellen waartoe het onderzoek zou hebben geleid dat ABN AMRO volgens het hof had behoren te verrichten. Zolang niet is komen vast te staan waartoe dat onderzoek zou hebben geleid, kan immers niet worden vastgesteld of er een feitelijke grond was om de op ABN AMRO rustende mededelingsplicht aan de omstandigheden van het geval aan te passen. Als uit onderzoek van ABN AMRO zou zijn gebleken dat een renteswap voor Edrie geschikt of passend was, betekent dat nog niet dat er met betrekking tot de renteswap geen mededelingsplicht uit hoofde van art. 6:228 lid 1, aanhef en onder b, BW meer zou bestaan. Die omstandigheid brengt immers niet mee dat Edrie bij het aangaan van de renteswapovereenkomst een juiste voorstelling van zaken had ten aanzien van de relevante kenmerken en risico’s daarvan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dee077de9bdaeee64b66d4a2a907c37a6d47d420080e37c1c97b8796491b4f69. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dee077de9bdaeee64b66d4a2a907c37a6d47d420080e37c1c97b8796491b4f69, en de alinea staat in dat document op bytes 25805 tot 26710.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dee077de9bdaeee64b66d4a2a907c37a6d47d420080e37c1c97b8796491b4f69 | shasum -a 256