Citaat | Gerechtshof Den Haag 1 maart 2022

Onder 5.2.1. Gerechtshof Den Haag 1 maart 2022

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 1 maart 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:310.

Op grond van artikel 7:4, lid 2, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het bestuursorgaan verplicht het bezwaarschrift en alle verder op de zaak betrekking hebbende stukken gedurende ten minste een week voorafgaand aan het hoorgesprek ter inzage te leggen. In de uitnodiging voor het hoorgesprek dient te worden vermeld waar en wanneer de stukken ter inzage liggen (artikel 7:4, lid 3, Awb). Lid 4 van artikel 7:4 Awb bepaalt dat een belanghebbende tegen vergoeding een afschrift van deze stukken kan verkrijgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f5d01dc53930b998b487343c54d73cfef37dc139060b01b3d3cfddc183f0e319. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f5d01dc53930b998b487343c54d73cfef37dc139060b01b3d3cfddc183f0e319, en de alinea staat in dat document op bytes 44742 tot 45272.