Citaat | Gerechtshof Den Haag 1 maart 2022

Onder 1.2 Gerechtshof Den Haag 1 maart 2022

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 1 maart 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:331.

Het hof wijst in dit arrest de vordering van [appellant] om de Staat te bevelen hem voorwaardelijk in vrijheid te stellen af. Naar het voorlopig oordeel van het hof is de voortdurende detentie van [appellant] hangende de beslissing op de vordering van de officier van justitie niet onrechtmatig, omdat zij berust op de wet (artikel 6:6:8 lid 5 (oud) van het Wetboek van Strafvordering (Sv)) en deze wettelijke bepaling niet in strijd is met artikel 5 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens (EVRM).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f9ebecfa2c0f23f454567bfce4739d621d3ce98d159dc1d1b660a164dbad4a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f9ebecfa2c0f23f454567bfce4739d621d3ce98d159dc1d1b660a164dbad4a8, en de alinea staat in dat document op bytes 6433 tot 6973.