Citaat | Gerechtshof Den Haag 15 maart 2022

Onder 3.3. Gerechtshof Den Haag 15 maart 2022

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 15 maart 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:700.

14. Om te beginnen voert de vrouw aan dat aan het vereiste in artikel 12 Rv dat een buitenlandse beslissing voor erkenning en tenuitvoerlegging in Nederland vatbaar blijkt te zijn, slechts kan zijn voldaan wanneer de buitenlandse beslissing op grond van een verdrag in Nederland vatbaar is voor erkenning en tenuitvoerlegging. Nu daarvan in dit geval geen sprake is, kan de beslissing van de Iraanse rechter niet rechtstreeks in Nederland worden tenuitvoergelegd. Dit betekent volgens de vrouw dat artikel 12 Rv niet in de weg staat aan een inhoudelijke behandeling van de vordering van de vrouw door de Nederlandse rechter (appeldagvaarding, nr. 2.1).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8bdd20ec9f27d7041223e637273a672a522670128f6419172664d353e424a15a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8bdd20ec9f27d7041223e637273a672a522670128f6419172664d353e424a15a, en de alinea staat in dat document op bytes 13956 tot 14621.