Citaat | Gerechtshof Den Haag 25 januari 2022
Onder 3.6. Gerechtshof Den Haag 25 januari 2022
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 25 januari 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:74.
Na de ontvangst van de ingebrekestelling heeft verweerder in redelijkheid voldoende inspanningen geleverd om een hoorzitting mogelijk te maken met het noemen van twee data en tijdstippen voor het houden daarvan. Van de gemachtigde van eiseres mag in deze situatie vervolgens worden verwacht dat hij eerder dan per brief van 14 januari 2020 reageert op de brief van 8 januari 2020 van verweerder. Dat in de uitnodiging de termijnen van artikel 7:1, eerste lid tot en met derde lid van de Awb niet worden nageleefd, betekent niet dat eiseres niet meer hoeft te doen dan verweerder hierop wijzen zoals nu is gebeurd in de brief van eiseres van 14 januari 2020. De gemachtigde van eiseres gaat in zijn brief van 14 januari 2020 ook geheel niet in op de vraag of hij 16 januari 2020 wel of niet kan verschijnen op de hoorzitting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b7a2ac65fd7a0d4f1b519867f2a6381638d0bad7190522ee342ef1d9d4b791a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b7a2ac65fd7a0d4f1b519867f2a6381638d0bad7190522ee342ef1d9d4b791a9, en de alinea staat in dat document op bytes 20011 tot 20848.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b7a2ac65fd7a0d4f1b519867f2a6381638d0bad7190522ee342ef1d9d4b791a9 | shasum -a 256