Citaat | Gerechtshof Den Haag 13 juni 2023

Onder 5.8. Gerechtshof Den Haag 13 juni 2023

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 13 juni 2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:1193.

Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen is het Hof van oordeel dat de Heffingsambtenaar heeft voldaan aan zijn verplichting tot passieve informatieverstrekking als bedoeld in artikel 7:4, lid 2 en lid 3, Awb. De Heffingsambtenaar was op grond van het bepaalde in artikel 40 Wet WOZ niet verplicht om de stukken waar (de gemachtigde van) belanghebbende tijdens de bezwaarfase om heeft verzocht voorafgaand aan het horen toe te zenden, hoewel hij op grond van artikel 40, lid 2, Wet WOZ in verbinding met artikel 6:17 Awb terecht een afschrift van het taxatieverslag aan de gemachtigde heeft toegestuurd. Evenmin was hij verplicht om de gemachtigde naast de verzochte stukken – passief of actief – andere informatie toe te zenden. De wetgever heeft met artikel 7:4, lid 4, Awb reeds een voorziening getroffen voor deze situatie. Afschriften van op de zaak betrekking hebbende stukken kunnen immers tegen vergoeding worden verkregen. Ook artikel 7:4, lid 4, Awb verplicht de Heffingsambtenaar niet tot toezending van die stukken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0c19e349a45ee30719da2e5fece067a2fb89b282e71776e4b393c2ab43a3c2a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0c19e349a45ee30719da2e5fece067a2fb89b282e71776e4b393c2ab43a3c2a6, en de alinea staat in dat document op bytes 28377 tot 29419.