Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 oktober 2023
Onder 6.8. Gerechtshof Den Haag 17 oktober 2023
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 oktober 2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:2049.
Het beroep van [appellant] op het arrest van de Hoge Raad van 9 oktober 2020 leidt niet tot een andere conclusie. In die zaak was de aansprakelijk gestelde persoon een belastingdeskundige die een foutief advies had gegeven waardoor de benadeelde schade leed als gevolg van belastingaanslagen. De Hoge Raad herhaalde in zijn arrest de hoofdregel dat onbekendheid met of onzekerheid over de juridische beoordeling van de feiten en omstandigheden die betrekking hebben op de schade en de daarvoor aansprakelijke persoon, niet aan de aanvang van de verjaringstermijn in de weg staat. Hij voegde daaraan toe dat deze juridische beoordeling niet ziet op de kennis en het inzicht die nodig zijn om de deugdelijkheid van “een geleverde prestatie” te beoordelen. Van belang was onder meer dat de benadeelde zich juist tot de aangesprokene had gewend vanwege de juridische deskundigheid van deze adviseur. Zo’n situatie doet zich in deze zaak niet voor. De Staat heeft ook geen prestatie als bedoeld in dat arrest geleverd en afgezien daarvan geldt dat aangenomen moet worden [appellant] van begin af aan in staat was zijn eigen onschuld te beoordelen. Ter zitting heeft [appellant] aangevoerd dat het in zijn zaak ging om complexe fiscaal-juridische materie en dat dat niet hetzelfde is als verdacht worden van bijvoorbeeld een fietsendiefstal. Dat laatste is op zich waar, maar nog afgezien van het feit dat [appellant] werd bijgestaan door een advocaat en dat hij als boekhouder geacht mag worden (enige) fiscaal-juridische kennis te hebben, legt [appellant] niet uit waarom hij zijn eigen onschuld eind 2011/begin 2012 nog niet kon beoordelen. Hij wist immers zelf wat hij wel en niet had gedaan en wat hij wel en niet wist. Uit de onder 3.6. vermelde strafuitspraak blijkt ook dat [appellant] als verweer heeft gevoerd dat nooit sprake is geweest van opzet. Dat is typisch iets dat hij zelf kon beoordelen. Waarover hij dan specifiek in onzekerheid verkeerde, legt [appellant] niet uit. Hij heeft ter zitting nog wel aangevoerd dat hij in onzekerheid verkeerde over hoe de rechters over zijn zaak zouden oordelen, maar dat doet niet aan de mogelijkheid voor hemzelf om te beoordelen of hij onschuldig was.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc4eadfe29d629b7f2a621cddbe2704bc22034fc2eb558f56975c7e7fcb9d94b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc4eadfe29d629b7f2a621cddbe2704bc22034fc2eb558f56975c7e7fcb9d94b, en de alinea staat in dat document op bytes 23498 tot 25782.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc4eadfe29d629b7f2a621cddbe2704bc22034fc2eb558f56975c7e7fcb9d94b | shasum -a 256