Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 juli 2024
Onder 2.4.6. Gerechtshof Den Haag 17 juli 2024
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 juli 2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:1586.
De in artikel 3 Wvh gebezigde bewoordingen “in aanmerking nemen” vormen niet een toereikende grond om aan te nemen dat ook andere gerechtigden dan degene aan wie de WOZ-beschikkingen zijn bekendgemaakt, ter zake van die woningen zijn onderworpen aan de verhuurderheffing of voor de heffing ter zake van die woningen draagplichtig zouden zijn, nog daargelaten de vraag voor welk deel zij dan draagplichtig zouden moeten zijn, gelet op de drempel van tien woningen uit artikel 4 Wvh. Er is ook geen ander wettelijk voorschrift aan te wijzen waaruit voor de belastingplichtige de waarborg voortvloeit dat bij mede-eigendom van huurwoningen de ter zake daarvan verschuldigde verhuurderheffing door alle genothebbenden wordt gedragen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97c8a17829e0f24727a3f5ebfaa51be26dfce81d0ae46e3d623426f5e191ad4b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97c8a17829e0f24727a3f5ebfaa51be26dfce81d0ae46e3d623426f5e191ad4b, en de alinea staat in dat document op bytes 22681 tot 23427.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/97c8a17829e0f24727a3f5ebfaa51be26dfce81d0ae46e3d623426f5e191ad4b | shasum -a 256