Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 juli 2024

Onder 5.15. Gerechtshof Den Haag 17 juli 2024

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 juli 2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:1586.

Wanneer, zoals in het onderhavige geval, de gestelde strijdigheid van een heffing met de door artikel 1 EP beschermde uitoefening van het eigendomsrecht gebaseerd wordt op het betoog dat bij de invoering van de desbetreffende belastingmaatregel de gerechtvaardigde verwachtingen van de betrokkenen zijn geschonden, komt het erop aan of bij die invoering de zojuist genoemde “fair balance” in acht is genomen (zie r.o. 61 van het zojuist genoemde arrest van het EHRM in de zaak N.K.M. tegen Hongarije). Deze balans ontbreekt indien de desbetreffende maatregel in de omstandigheden van het concrete geval voor de belastingplichtige leidt tot een individuele en buitensporige last ('individual and excessive burden'). Daartoe dient te worden beoordeeld wat de gevolgen zijn van die terugwerkende kracht op de positie van de belanghebbende. Bij het oordeel of sprake is van een 'fair balance' speelt verder een rol om welke redenen de wetswijziging met terugwerkende kracht is ingevoerd (vgl. EHRM 10 juni 2003, nr. 27793/95, zaak M.A. en anderen tegen Finland, V-N 2003/52.2 en HR 2 oktober 2009, nr. 07/13624, ECLI:NL:HR:2009:BI1909, BNB 2011/48).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97c8a17829e0f24727a3f5ebfaa51be26dfce81d0ae46e3d623426f5e191ad4b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97c8a17829e0f24727a3f5ebfaa51be26dfce81d0ae46e3d623426f5e191ad4b, en de alinea staat in dat document op bytes 45942 tot 47104.