Citaat | Gerechtshof Den Haag 9 januari 2024
Onder 2.4. Gerechtshof Den Haag 9 januari 2024
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 9 januari 2024, ECLI:NL:GHDHA:2024:231.
16. Eiseres heeft verzocht om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn. Bij de beoordeling van de vraag of de redelijke termijn is overschreden, moet worden aangesloten bij de uitgangspunten die zijn neergelegd in het arrest van de Hoge Raad van 22 april 2005.[2] Behoudens in geval van bijzondere omstandigheden wordt een periode van twee jaar voor de bezwaar- en beroepsfase in dit verband als redelijk beschouwd. Hiervan komt een halfjaar toe aan de bezwaarfase.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fd7dbaccf221cd476fa69d083d00dbe61bb3839d049eb35684e543be95788b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fd7dbaccf221cd476fa69d083d00dbe61bb3839d049eb35684e543be95788b6, en de alinea staat in dat document op bytes 18174 tot 18693.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5fd7dbaccf221cd476fa69d083d00dbe61bb3839d049eb35684e543be95788b6 | shasum -a 256