Citaat | Gerechtshof Den Haag 3 april 2025

Onder 4.3. Gerechtshof Den Haag 3 april 2025

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 3 april 2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:564.

Gelet op de onder 4.2.1 vermelde omstandigheden heeft het Hof gerede twijfel aan de vertegenwoordigingsbevoegdheid van [Y] in hoger beroep en acht zich daarom bevoegd om een recente machtiging te verlangen. Nu geen gevolg is gegeven aan het verzoek en [Y] is gewezen op het mogelijke gevolg van het niet verstrekken van een recente machtiging en een kopie van het paspoort of een ander geldig identiteitsbewijs van belanghebbende, namelijk niet-ontvankelijkheid, wordt aan het uitblijven van een recente machtiging en een kopie van een geldig identiteitsbewijs van belanghebbende de gevolgtrekking verbonden dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is (zie HR 28 oktober 2022, ECLI:NL:HR:2022:1558, BNB 2022/148).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fb77cbcdc9aec376293171532dc66df61a1072da901fa2f27b235d5e0939881. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fb77cbcdc9aec376293171532dc66df61a1072da901fa2f27b235d5e0939881, en de alinea staat in dat document op bytes 33185 tot 33910.