Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 maart 2026

Onder 2.7.5 Gerechtshof Den Haag 17 maart 2026

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 maart 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:405.

Bij de beoordeling van de vraag of een vordering op grond van bestuurdersaansprakelijkheid in de boedel valt, wordt vooropgesteld dat de enkele omstandigheid dat bij de turboliquidatie van SDW niet is voldaan aan alle voorgeschreven formaliteiten (vgl. art. 2:19b BW) niet (zonder meer) meebrengt dat sprake is van een benadeling van de gezamenlijke crediteuren en/of dat de vennootschap een vordering toekomt uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid. Verder betwist SDW dat het bestuur onrechtmatig heeft gehandeld. Ter zitting van het hof heeft zij in dit verband aangevoerd dat het bestuur bij de turboliquidatie is geadviseerd (en heeft vertrouwd) op door hem ingeschakelde deskundige derden (zoals een accountant) en dat aan de betaling van € 240.000,- een rechtsgeldige titel ten grondslag heeft gelegen zodat deze betaling gerechtvaardigd was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de38dcd659606735e79267c9525449e3b1ed9d5522bf229196056bb4b5dab4a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de38dcd659606735e79267c9525449e3b1ed9d5522bf229196056bb4b5dab4a3, en de alinea staat in dat document op bytes 17202 tot 18071.