Citaat | Gerechtshof Leeuwarden 24 april 2002

Alinea 145 Gerechtshof Leeuwarden 24 april 2002

Een alinea uit Gerechtshof Leeuwarden 24 april 2002, ECLI:NL:GHLEE:2002:AE1877.

f. Hoewel er geen reden is te twijfelen aan de integriteit van de opsporingsambtenaren die het onderzoek hebben verricht, is het opsporingsonderzoek nadat H.d.B. c.s. waren gearresteerd, vrijwel uitsluitend gericht geweest op het onderbouwen van de verdenking die tegen H.d.B. c.s. gerezen was. Daarop wijzen niet alleen uitlatingen in in elk geval het technisch journaal, maar dit heeft ook uitdrukking gevonden in de stelligheid, waarmee met voorbijgaan aan de conclusie van het rapport van het Gerechtelijk Laboratorium dienaangaande, het op de housebroek van H.d.B. aangetroffen vezelspoor aan H.d.B.c.s. is gepresenteerd als onomstotelijk bewijs dat hij in de woonkamer was geweest waar C.A. was vermoord.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f44bbb27dcdea9e8f1fca74efaeacfdc1543869ee4a666bad1b58a644d836e2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f44bbb27dcdea9e8f1fca74efaeacfdc1543869ee4a666bad1b58a644d836e2a, en de alinea staat in dat document op bytes 90258 tot 90981.