Citaat | Gerechtshof Leeuwarden 24 april 2002

Alinea 73 Gerechtshof Leeuwarden 24 april 2002

Een alinea uit Gerechtshof Leeuwarden 24 april 2002, ECLI:NL:GHLEE:2002:AE1877.

33. Hoewel de getuige [getuige 9] (63.0) zegt de auto van G.S. te kennen, verklaart hij niet dat de auto die hij op 9 januari 1994 misschien heeft zien rijden de auto van G.S. was. Hij zegt wel (63.1) tijdens een wandeling een auto met een ongeveer 25-jarige bestuurder te hebben gezien, van wie de rijstijl nogal ruig was tengevolge waarvan hij uit ergernis zijn hoofd schudde, maar hij verklaart niet dat deze auto een Mercedes was, laat staan de Mercedes van G.S.. Bovendien laat hij de kleur van de auto die hij gezien heeft in het midden. Een en ander brengt mee, dat het hof er niet van overtuigd is dat de auto die [getuige 9] mogelijk op 9 januari 1994 heeft zien rijden de auto van G.S. was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f44bbb27dcdea9e8f1fca74efaeacfdc1543869ee4a666bad1b58a644d836e2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f44bbb27dcdea9e8f1fca74efaeacfdc1543869ee4a666bad1b58a644d836e2a, en de alinea staat in dat document op bytes 40028 tot 40741.