Citaat | Gerechtshof Leeuwarden 29 mei 2002
Alinea 41 Gerechtshof Leeuwarden 29 mei 2002
Een alinea uit Gerechtshof Leeuwarden 29 mei 2002, ECLI:NL:GHLEE:2002:AE4419.
6. Door de Ontvanger is hiertegen aangevoerd dat deze rechtspraak niet meer het geldend recht weergeeft, aangezien thans, vanaf 1 januari 1992, de wet aan de hypotheekhouder de mogelijkheid heeft gegeven om onderhands te executeren (art 3: 268 lid 2 BW). Derhalve is de hypotheekhouder thans, om tot onderhandse executie te geraken, niet meer aangewezen op de "constructie van oneigenlijke lossing" op grond van art 58 lid 2 Fw. Daarmee behoort deze constructie volgens de Ontvanger nu tot het verleden, terwijl de hiermee vergelijkbare constructie met betrekking tot de pandhouder ook al onder het oude recht geldigheid ontbeerde, zulks met het oog op art. 1202 lid 1 oud BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f971ea1a5d964fbf9b66d4eb7502ec170c78b3dcc3d3b9ca67f4dcbcd5655505. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f971ea1a5d964fbf9b66d4eb7502ec170c78b3dcc3d3b9ca67f4dcbcd5655505, en de alinea staat in dat document op bytes 10523 tot 11212.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f971ea1a5d964fbf9b66d4eb7502ec170c78b3dcc3d3b9ca67f4dcbcd5655505 | shasum -a 256