Citaat | Gerechtshof Leeuwarden 5 november 2003

Alinea 61 Gerechtshof Leeuwarden 5 november 2003

Een alinea uit Gerechtshof Leeuwarden 5 november 2003, ECLI:NL:GHLEE:2003:AN7321.

Namens verdachte is een beroep gedaan op psychische overmacht, in die zin dat van verdachte onder de gegeven omstandigheden in redelijkheid niet gevergd zou kunnen worden dat zij weerstand bood aan de druk van haar mededader [mededader], de moeder van [slachtoffer]. Teneinde dit verweer te onderbouwen heeft de raadsman van verdachte gesteld dat zij na de aanhouding een verwarde en lethargische indruk vertoonde en dat zij verklaringen heeft afgelegd waaruit moet worden afgeleid dat zij onder een "immense druk" van haar eerder genoemde mededader stond. Deze verklaringen zouden bevestiging vinden in de verklaringen van de getuigen [betrokkene 2] en [betrokkene 1]. Ook in het rapport van het Pieter Baan Centrum van 7 januari 2003 zegt de raadsman steun te vinden voor zijn stelling, voorzover daarin wordt gememoreerd dat verdachte "geheel weerloos" was ten opzichte van voornoemde [mededader] (p. 50). Daarbij komt nog dat volgens de raadsman de culturele achtergrond van verdachte, waarin het geloof in Brua een sterke rol heeft gespeeld, de geestelijke weerstand van verdachte deed afnemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/142a17142c6f621a18bb75cfdafa2b4d7d879e3370c132bea904680129dfe8f3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 142a17142c6f621a18bb75cfdafa2b4d7d879e3370c132bea904680129dfe8f3, en de alinea staat in dat document op bytes 18517 tot 19629.