Citaat | Gerechtshof Leeuwarden 30 augustus 2006

Alinea 82 Gerechtshof Leeuwarden 30 augustus 2006

Een alinea uit Gerechtshof Leeuwarden 30 augustus 2006, ECLI:NL:GHLEE:2006:AY8003.

17. Smartit heeft voorts aangevoerd dat zij, na het door haar gewonnen kort geding, ervan heeft afgezien een voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst te verzoeken. Het hof overweegt dat het verzuim van de werkgever om, nadat een werknemer een gegeven ontslag dan wel een daarmee op één lijn te stellen constellatie als de onderhavige heeft betwist, rechtsmaatregelen te treffen als het verzoeken van een voorwaardelijk ontbinding, voor rekening van de werkgever dient te komen (vgl. HR 30 oktober 1998, NJ 1999, 268) en in beginsel een later beroep op artikel 6:248 BW, tweede lid zijdens de werkgever verzwakt. Het hof oordeelt evenwel dat dit verzuim een minder groot gewicht toekomt indien reeds een rechter over de rechtsbetrekking in geding tot oordelen is geroepen, zoals in dit geval de kantonrechter die als voorzieningenrechter oordeelde dat geen sprake was van een dienstverband tussen [appellante] en Smartit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da0c8efd7bc41d927aad6bc1cffdc5f794147d1a67854e19663d11eb35d96c8a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da0c8efd7bc41d927aad6bc1cffdc5f794147d1a67854e19663d11eb35d96c8a, en de alinea staat in dat document op bytes 22825 tot 23773.