Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 8 maart 2002

Alinea 80 Gerechtshof 's-Gravenhage 8 maart 2002

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 8 maart 2002, ECLI:NL:GHSGR:2002:AE0013.

6.4.1. Naar het hof begrijpt betoogt de raadsman thans dat hij met zijn verzoek 5 d.d. 7-12-2001 - vide de hierboven onder 6.3.2. weergegeven formulering - destijds heeft bedoeld alle in het dossier genoemde locaties - A, B, C en D - op DNA-sporen te doen onderzoeken. Hij stelt thans dat (behoudens het onder 6.3. overwogene) op locaties B en D geen relevante voorwerpen zijn aangetroffen en verzoekt nu nader DNA-onderzoek van de volgende voorwerpen:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43443c1c827f64cafa7c54bb157ee28db5acfdd494473d7d0985f8bdc11e5b4f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43443c1c827f64cafa7c54bb157ee28db5acfdd494473d7d0985f8bdc11e5b4f, en de alinea staat in dat document op bytes 28020 tot 28487.