Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 5 maart 2002

Alinea 166 Gerechtshof 's-Gravenhage 5 maart 2002

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 5 maart 2002, ECLI:NL:GHSGR:2002:AE0653.

Bovendien moet worden vastgesteld dat het gaat om (telefoon) gesprekken die werden gevoerd door V. als ex-runner van een (gewezen) informant over aangelegenheden die betrekking hadden op feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan gedurende de periode dat V. Sapman als informant runde en de afwikkeling daarvan. Daarmee is gegeven dat deze gesprekken - in ieder geval van de kant van V. - een uitsluitend zakelijk karakter en zakelijke inhoud hadden. In het licht van het arrest van de Hoge Raad van 18 oktober 1987, NJ 1988, 850 kan de conclusie dan ook geen andere zijn dan dat de persoonlijke levenssfeer van V. bij het opnemen van de (telefoon)gesprekken niet in het geding was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/89787ae0296b2ee25654adf1ce06be9136521a425970c682541e3211e039cd28. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 89787ae0296b2ee25654adf1ce06be9136521a425970c682541e3211e039cd28, en de alinea staat in dat document op bytes 92798 tot 93502.