Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 18 maart 2003

Alinea 52 Gerechtshof 's-Gravenhage 18 maart 2003

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 18 maart 2003, ECLI:NL:GHSGR:2003:AF7581.

6.3. De uitdrukkingen "Tantièmes presentiegelden en andere beloningen verkregen door" respectievelijk "Salarissen, lonen en andere, soortgelijke beloningen verkregen door" een inwoner van België zoals gebruikt in de artikelen 15 en 16 van het Verdrag, zijn niet in het Verdrag zelf gedefinieerd. Derhalve dienen zij, indien zoals hier, Nederland het Verdrag toepast, op grond van artikel 3, paragraaf 2 van het Verdrag te worden uitgelegd naar de betekenis die zij hebben volgens de wetten van Nederland met betrekking tot de belastingen die onderwerp vormen van het Verdrag (waaronder de Wet), tenzij het zinsverband anders vereist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea7eb48e248440c05c475dec2c0c219f18a7079c68d231849a4e8ac11d23843e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea7eb48e248440c05c475dec2c0c219f18a7079c68d231849a4e8ac11d23843e, en de alinea staat in dat document op bytes 15496 tot 16144.