Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003
Alinea 40 Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003, ECLI:NL:GHSGR:2003:AF9801.
4.1 Het hof is met de rechtbank van oordeel dat de uitspraak van het Europese Hof niet anders kan worden begrepen dan dat het hof te 's-Hertogenbosch door het gebruik van de anonieme getuigenverklaringen van politieambtenaren het door artikel 6, lid 1, eerste zin van het EVRM beschermde beginsel van fair play heeft geschonden en dat daaruit moet worden geconcludeerd dat de op die getuigenverklaringen gebaseerde veroordelingen tot stand zijn gekomen op zodanige wijze dat niet meer gesproken kan worden van een eerlijke behandeling van de zaak in de zin van genoemd verdragsartikel. Het hof te 's-Hertogenbosch noch de Hoge Raad konden bij hun beslissingen in deze zaak met de uitspraak van het Europese Hof rekening houden; ook is niet mogelijk gebleken de door het Bossche hof gemaakte fout door het aanwenden van rechtsmiddelen te herstellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767, en de alinea staat in dat document op bytes 15200 tot 16064.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767 | shasum -a 256