Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003
Alinea 91 Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003, ECLI:NL:GHSGR:2003:AF9801.
Wat de kosten van rechtsbijstand die aan de [appellanten sub 2 en 3] voor de Nederlandse strafprocedure in rekening zijn gebracht, is het hof van oordeel dat thans niet meer precies is vast te stellen welk deel van die kosten op het "EVRM-verweer" betrekking hebben gehad. Het hof zal dat deel daarom schatten. Het hof is met de Staat van mening dat de rechtbank dat deel te hoog heeft geschat, zeker indien in aanmerking wordt genomen dat het verweer voor alle verdachten op dit punt dezelfde inhoud had en het voor de hand ligt dat de verschillende raadslieden hun inspanningen hebben verdeeld. Het hof schat de werkzaamheden ten aanzien van het EVRM-verweer op 20 % van de totale werkzaamheden. De vergoeding voor rechtsbijstand aan de [appellanten sub 2 en 3] wordt daarom bepaald op 20 % van de aan hen in rekening gebrachte bedragen, in verband met de toekenning naar billijkheid op grond van artikel 591 a Sv te vermeerderen met 25 % over het restant, dus tezamen 40%. Dat komt voor [appellant sub 2] neer op ƒ 2.385,-- of € 1.082,27 en voor [appellant sub 3] op
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767, en de alinea staat in dat document op bytes 40754 tot 41843.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767 | shasum -a 256