Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003

Alinea 94 Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 5 juni 2003, ECLI:NL:GHSGR:2003:AF9801.

Het hof is met de rechtbank van oordeel dat de Wet op de justitiële documentatie geen ruimte biedt om buiten de daarin genoemde gevallen opgelegde en niet vernietigde straffen of maatregelen uit het strafblad te verwijderen. Het hof acht [appellanten] voor de schade die zij lijden door de opname van hun straf in het register bovendien voldoende gecompenseerd door de toezegging van de Staat dat hij in de registers zal laten opnemen dat de klacht van [appellanten] door het Europese Hof gegrond is bevonden en dat [appellanten] daarom na de uitspraak van het Europese Hof in vrijheid zijn gesteld. De Staat heeft die toezegging reeds in de memorie van de Staat bij de schadeprocedure voor het Europese Hof gedaan (prod 3 bij conclusie van eis) en herhaald bij memorie van antwoord in het incidenteel appèl.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8574bc243a3847c6b6a7027eb783fb4b96e97de6df1c4436d8591efa1f85a767, en de alinea staat in dat document op bytes 42343 tot 43167.