Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 26 augustus 2003

Alinea 39 Gerechtshof 's-Gravenhage 26 augustus 2003

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 26 augustus 2003, ECLI:NL:GHSGR:2003:AK4563.

6.1.3. Voor het antwoord op de vraag of de waarde van de beide samenstellende delen van de optieovereenkomst met elkaar in evenwicht zijn, is beslissend of ten tijde van het aangaan van deze overeenkomst de kans op een waardedaling even groot moet worden ingeschat als die op een waardestijging, hetgeen het standpunt van belanghebbende is, of dat, naar voor het onderhavige geding van belang is nu de Inspecteur een uitdeling heeft gesteld, de kans op een waardestijging hoger moet worden ingeschat dan die van een waardedaling. Op grond van hetgeen de Inspecteur heeft aangevoerd en aan publicaties van eind 1996 en begin 1997 betreffende de verwachtingen omtrent de ontwikkelingen in de woningmarkt heeft overgelegd, acht het Hof door de Inspecteur voldoende aannemelijk gemaakt dat op 21 maart 1997 de kans op een stijging van de waarde van de woning hoger diende te worden ingeschat dan die op een waardedaling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2ac4e99b7e04d9d388902f69e4cef64944a6398f4ad3da32d31cdd84f1ad3832. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2ac4e99b7e04d9d388902f69e4cef64944a6398f4ad3da32d31cdd84f1ad3832, en de alinea staat in dat document op bytes 15862 tot 16792.