Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 27 mei 2004

Alinea 128 Gerechtshof 's-Gravenhage 27 mei 2004

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 27 mei 2004, ECLI:NL:GHSGR:2004:AP0151.

7.13 Tegen deze achtergrond zal het hof het verwijt beoordelen dat de Verzekeringskamer in 1991 (of op zijn minst in 1992) bij Vie d'Or had moeten ingrijpen door een stille bewindvoerder te benoemen. De Stichting doelt hiermee op de in lid 3 van art. 34 Wtv aan de Verzekeringskamer toegekende bevoegdheid, indien het in lid 1 van dat artikel bedoelde belang (het belang van degenen die als verzekeringsnemers, verzekerden of gerechtigden op uitkeringen betrokken zijn of zullen worden bij overeenkomsten van verzekering, gesloten of te sluiten door een verzekeraar) onverwijld ingrijpen noodzakelijk maakt, onmiddellijk de verzekeraar kan aanzeggen dat vanaf een bepaald tijdstip alle of bepaalde organen van de verzekeraar hun bevoegdheid slechts mogen uitoefenen na goedkeuring door een of meer door de Verzekeringskamer aangewezen personen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b9542e17600f2996154abf1f68226cc57178c541a83d20b2bd27cf91e407b076. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b9542e17600f2996154abf1f68226cc57178c541a83d20b2bd27cf91e407b076, en de alinea staat in dat document op bytes 56700 tot 57560.