Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 11 november 2004
Onder 2 Gerechtshof 's-Gravenhage 11 november 2004
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 11 november 2004, ECLI:NL:GHSGR:2004:AY4933.
[appellant] c.s. stellen zich op het standpunt dat het hof geen acht mag slaan op de akte die de Staat op 23 januari 2003 in het geding heeft gebracht, aangezien art. 347 lid 1 Rv. meebrengt dat na de memorie van antwoord (in het incidenteel appel) geen schriftelijke uitwisseling van standpunten meer kan plaatsvinden. Het hof kan de juistheid van dit betoog in het midden laten, aangezien het de Staat in ieder geval vrijstond bij akte als productie het arrest van dit hof in de zaak Staat/[...] in het geding te brengen, zoals het [appellant] c.s. evenzeer vrijstond daarop vervolgens bij akte te reageren. Voor zover de Staat in de akte tevens (onder 1) heeft gereageerd op de memorie van antwoord in het incidenteel appel, hebben [appellant] c.s. er geen belang bij zich hiertegen te verzetten nu hetgeen de Staat naar voren bracht neerkomt op een herhaling van een reeds eerder in dit geding ingenomen standpunt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97bcae0878a1c32d5017aa69059858288c7c40256ea4a4ee6c7bc66fa629f15a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97bcae0878a1c32d5017aa69059858288c7c40256ea4a4ee6c7bc66fa629f15a, en de alinea staat in dat document op bytes 6986 tot 7927.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/97bcae0878a1c32d5017aa69059858288c7c40256ea4a4ee6c7bc66fa629f15a | shasum -a 256