Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 1 maart 2005

Alinea 68 Gerechtshof 's-Gravenhage 1 maart 2005

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 1 maart 2005, ECLI:NL:GHSGR:2005:AT4321.

6.7. Naar het oordeel van het Hof ontbeert de in de overeenkomst in de artikelen 4 en 5 opgenomen terugbetalingsregeling reële betekenis gedurende de fase waarin belanghebbende nog slechts exploratiewerkzaamheden verricht. Zoals hiervoor overwogen, is het reeds bij het aangaan van de overeenkomst aan de daarbij betrokken partijen duidelijk dat belanghebbende in die fase niet tot enige terugbetaling in staat is. Voorts is gesteld noch gebleken dat de in 3.4 vermelde activa en geactiveerde posten belanghebbende in staat zouden stellen tot terugbetaling van de verkregen gelden over te gaan. Belanghebbende zou alleen daartoe in staat zijn, indien zij gelden van een derde zou kunnen opnemen, hetgeen echter, zoals in 6.3 is overwogen, slechts mogelijk zou zijn met de garantiestelling door Holding BV uit hoofde van haar aandeelhoudersrelatie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c9b2c2a719b25c0b1f6390434f5da953292de8e6ee0d37b839b4ab849e0dd30e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c9b2c2a719b25c0b1f6390434f5da953292de8e6ee0d37b839b4ab849e0dd30e, en de alinea staat in dat document op bytes 22197 tot 23060.