Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 28 februari 2007

Alinea 125 Gerechtshof 's-Gravenhage 28 februari 2007

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 28 februari 2007, ECLI:NL:GHSGR:2007:BA1935.

52. De rechtbank heeft in punt 4.5.2 expliciet de vordering van de vrouw afgewezen. In haar memorie van antwoord tevens incidenteel appel heeft de vrouw tegen deze overweging geen grief gericht. Naar het oordeel van het hof was het voor de man niet kenbaar dat het incidentele appel zich eveneens richtte tegen de hiervoor genoemde rechtsoverweging van de rechtbank. Het eerst expliciteren van de vordering tijdens het pleidooi acht het hof in strijd met een goede procesorde. Onder deze omstandigheden is het hof van oordeel dat het verweer van de man voldoende is dat de vrouw geen vordering op hem heeft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96f2fa777d7fa3dcd65e72b886f9963ca9cefbd9695f538a5e22579a45c4a6ed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96f2fa777d7fa3dcd65e72b886f9963ca9cefbd9695f538a5e22579a45c4a6ed, en de alinea staat in dat document op bytes 38979 tot 39599.