Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 9 mei 2007
Alinea 243 Gerechtshof 's-Gravenhage 9 mei 2007
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 9 mei 2007, ECLI:NL:GHSGR:2007:BA4676.
Het bovenstaande brengt het hof tot de gevolgtrekking dat niet in voldoende mate is komen vast te staan dat de verdachte voorafgaande aan of ten tijde van zijn handelen beschikte over informatie die hem in staat stelde te weten dat hij door te handelen als hem is tenlastegelegd de plegers behulpzaam zou zijn bij de verwezenlijking van enig bij hen voorliggend genocidaal oogmerk, of die hem zelfs maar in staat stelde willens en wetens de aanmerkelijke kans daarop te aanvaarden. Nu zelfs aan dit (ook in internationaalrechtelijk opzicht) als minimaal aangemerkte opzet-criterium niet is voldaan is het hof van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen is dat zijn opzet, zelfs niet in voorwaardelijke zin, mede was gericht op het genocidale opzet van de plegers.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da48cc93bc957beaf8ab51e55fe9a57d5cd9fbef2056bf69508daa31b8fc19a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da48cc93bc957beaf8ab51e55fe9a57d5cd9fbef2056bf69508daa31b8fc19a0, en de alinea staat in dat document op bytes 56422 tot 57205.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da48cc93bc957beaf8ab51e55fe9a57d5cd9fbef2056bf69508daa31b8fc19a0 | shasum -a 256