Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 9 mei 2007
Alinea 369 Gerechtshof 's-Gravenhage 9 mei 2007
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 9 mei 2007, ECLI:NL:GHSGR:2007:BA4676.
De verdachte heeft op 8 december 2004 tijdens het voorbereidend onderzoek (C.1.b.4) naar aanleiding van twee voorhanden telexberichten (H10/8586 en H10/8549) van begin september 2004, waarin sprake is van gifgas en de op te geven eindbestemming van de chemicaliën verklaard: “Ik zie in een telex staan dat het als gifgas gebruikt kan worden”. Ik heb met SEORGI contact opgenomen. Ik heb altijd geloofd dat [verdachtes handelspartner] wist waarvoor het gebruikt zou worden, dat de goederen een dubieuze bestemming hadden. In een telexbericht van 1 september 1984 (H10/8586) meldt [verdachtes handelspartner] aan verdachte dat wat hem betreft een noodzakelijke leugen verteld kan worden. De verdachte bericht daarop [de directeur van SEORGI] per telex van 3 september 1984 (H10/8549) met betrekking tot een noodzakelijke leugen: mijn persoonlijk advies is ‘brandstof additief’ en eindbestemming Triëst. Als [verdachtes handelspartner] in berichten kennelijk een bepaalde toepassing van TDG blijft noemen vermaant de verdachte hem op 19 februari 1985 als volgt –zakelijk weergegeven-: Bijzonderheden van TDG zijn jou zeker bekend, dus hoef je ze niet te noemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da48cc93bc957beaf8ab51e55fe9a57d5cd9fbef2056bf69508daa31b8fc19a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da48cc93bc957beaf8ab51e55fe9a57d5cd9fbef2056bf69508daa31b8fc19a0, en de alinea staat in dat document op bytes 82594 tot 83778.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da48cc93bc957beaf8ab51e55fe9a57d5cd9fbef2056bf69508daa31b8fc19a0 | shasum -a 256