Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 20 december 2007

Alinea 45 Gerechtshof 's-Gravenhage 20 december 2007

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 20 december 2007, ECLI:NL:GHSGR:2007:BC0619.

1.9 De Staat heeft verweer gevoerd en zich primair op het standpunt gesteld dat Clara Wichmann c.s. in hun vordering niet-ontvankelijk behoren te worden verklaard. De Staat heeft verder met name aangevoerd dat art. 7 Vrouwenverdrag geen rechtstreekse werking heeft, dat de bestaande wetgeving reeds voldoende mogelijkheden biedt om discriminatie van vrouwen tegen te gaan, dat het verbod van discriminatie van vrouwen moet worden afgewogen tegen de vrijheid van godsdienst, de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van vereniging en dat die afweging, waarbij de Staat een zekere beleidsvrijheid heeft, ertoe heeft geleid dat de Staat heeft besloten en ook mocht besluiten niet tegen de SGP op te treden. De Staat is ook van mening dat de burgerlijke rechter de Staat niet kan gelasten wetgeving tot stand te brengen en dat overigens ingrijpen bij de SGP aan de wetgever moet worden overgelaten omdat dergelijk ingrijpen door de burgerlijke rechter de rechtsvormende taak van de rechter te buiten gaat. De SGP heeft zich in grote lijnen bij het standpunt van de Staat aangesloten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4da8c87ddae384ef3b0049309f155af07e81c7fb83176b1816f18922f5204f91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4da8c87ddae384ef3b0049309f155af07e81c7fb83176b1816f18922f5204f91, en de alinea staat in dat document op bytes 18451 tot 19547.