Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 28 juli 2010

Alinea 39 Gerechtshof 's-Gravenhage 28 juli 2010

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 28 juli 2010, ECLI:NL:GHSGR:2010:BN5746.

6.4. Als enerzijds gesteld en anderzijds niet dan wel onvoldoende weersproken staat vast dat belanghebbende in 2005 beroepsarbeid heeft verricht op het schip, dat het schip (mede) in de rijnvaart werd gebruikt en was voorzien van het certificaat bedoeld in artikel 22 van de herziene Rijnvaart-akte. Voorts staat onweersproken vast dat [Y] positieve resultaten behaalde met voormeld gebruik van het schip en het schip dus met winstoogmerk in de rijnvaart werd gebruikt. Belanghebbende was in de in geschil zijnde periode derhalve een 'rijnvarende' in de zin van artikel 1, eerste lid, onderdeel m, van het Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden, Trb. 1981, 43 (hierna: het Rijnvarendenverdrag), zodat de sociale verzekeringsplicht op de voet van dit verdrag moet worden beoordeeld. Aan de EG-Verordening 1408/71 komt in dit geval ingevolge artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van die regeling geen betekenis toe.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/162bdb1315aecda1bb53b6f5fd4a38507cfaea346994062fc93faffe69d17b81. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 162bdb1315aecda1bb53b6f5fd4a38507cfaea346994062fc93faffe69d17b81, en de alinea staat in dat document op bytes 14234 tot 15178.