Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 14 september 2010

Alinea 70 Gerechtshof 's-Gravenhage 14 september 2010

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 14 september 2010, ECLI:NL:GHSGR:2010:BO6920.

Ten aanzien van de verklaringen van de medeverdachten stelt het hof voorop dat volgens vaste jurisprudentie verklaringen van medeverdachten slechts dan niet als bewijs is elkaars strafzaak mogen worden gebruikt, indien de medeverdachte samen met de verdachte op dezelfde aanklacht en in dezelfde instantie tegelijk in gevoegde zaken terecht staat. Daarvan is in casu geen sprake. Voor zover de raadsman heeft betoogd dat de verklaringen van de medeverdachten onvoldoende betrouwbaar zijn om voor het bewijs te worden gebezigd, omdat de medeverdachten er belang bij hebben hun eigen aandeel te beperken en het aandeel van de verdachte te vergroten, overweegt het hof dat de verklaringen van de medeverdachten enkel zijn gebruikt voor het bewijs van het aandeel van de medeverdachten zelf. Ten aanzien van het aandeel van de verdachte baseert het hof zich op de eigen verklaringen van de verdachte ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44b2575c9d1591ad23fe235702cfdbc3135ebc1a2f9f9076e3958ecc35a82cc7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44b2575c9d1591ad23fe235702cfdbc3135ebc1a2f9f9076e3958ecc35a82cc7, en de alinea staat in dat document op bytes 22492 tot 23456.