Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 30 mei 2011
Alinea 86 Gerechtshof 's-Gravenhage 30 mei 2011
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 30 mei 2011, ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ6434.
Hoewel het hof op grond van de uiteenlopende verklaringen van [aangever 2] en [getuige A] niet heeft kunnen vaststellen of de verdachte dan wel zijn mededader heeft geschoten, is het hof desondanks van oordeel dat ten aanzien van de verdachte het medeplegen van de poging tot doodslag kan worden bewezenverklaard, aangezien hij [getuige A] heeft aangezet tot het maken van de afspraak met [aangever 2] en het optreden van de beide personen ten tijde van het schietincident naar zijn uiterlijke verschijningsvorm kan worden gekenmerkt als een gezamenlijk optreden, nu zij beiden (met gesloten cappuchon) op [aangever 2] zijn afgelopen en hem al schietend achterna zijn gerend. Ten slotte beoordeelt het hof verdachtes ontkenning dat hij bij het schietincident aanwezig was als leugenachtig, nu [getuige A] heeft verklaard dat de verdachte en zijn mededader hem naderhand vertelden dat zij het waren (geweest).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcd115edca2ab8222a6b06aefbbed0ad61aa97c594ac3c8767c0b4ea531eb61e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcd115edca2ab8222a6b06aefbbed0ad61aa97c594ac3c8767c0b4ea531eb61e, en de alinea staat in dat document op bytes 23862 tot 24784.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcd115edca2ab8222a6b06aefbbed0ad61aa97c594ac3c8767c0b4ea531eb61e | shasum -a 256