Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 22 september 2011
Alinea 37 Gerechtshof 's-Gravenhage 22 september 2011
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 22 september 2011, ECLI:NL:GHSGR:2011:BT2421.
Uit de getuigenverklaringen moet buiten twijfel worden afgeleid dat de verdachte eerst op [slachtoffer 1] heeft geschoten en vervolgens op de wegrennende [slachtoffer 2]. De ter terechtzitting getoonde camerabeelden zijn met het daderschap van de verdachte geenszins in strijd, evenmin als de vaststaande omstandigheid dat het vuurwapen waarmee is geschoten in handen is gekomen van een ander dan de verdachte, te weten A. (die het wapen later heeft weggemaakt en die later aan de politie heeft aangegeven waar het wapen zich bevond; het wapen is daarop door de politie aldaar ook aangetroffen). Tegen de achtergrond van eerdergenoemde getuigenverklaringen over het schieten door de verdachte, acht het hof de verklaring van A., kort gezegd inhoudende dat hij van de verdachte het wapen na de schietpartij in handen kreeg, voldoende plausibel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/74a67c5a522a8bc10fecb564319d380c5cb2baf42f76b45753a90e0282ee9e5f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 74a67c5a522a8bc10fecb564319d380c5cb2baf42f76b45753a90e0282ee9e5f, en de alinea staat in dat document op bytes 10831 tot 11687.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/74a67c5a522a8bc10fecb564319d380c5cb2baf42f76b45753a90e0282ee9e5f | shasum -a 256