Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 10 oktober 2011

Alinea 299 Gerechtshof 's-Gravenhage 10 oktober 2011

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 10 oktober 2011, ECLI:NL:GHSGR:2011:BT7230.

Ten aanzien van hetgeen overigens door de raadsman naar voren is gebracht -te weten dat de rechter-commissaris niet volledig is geïnformeerd bij de aanvraag van verlenging van de machtiging ex artikel 126l van het Wetboek van Strafvordering- overweegt het hof dat zo al sprake zou zijn van een onherstelbaar vormverzuim dit, gelet op hetgeen ter onderbouwing door de raadsman is aangevoerd, geen grond vormt voor strafvermindering. Het verweer wordt in zoverre verworpen. Het hof merkt in dit verband op dat het niet aannemelijk is geworden dat de rechter-commissaris tot een andere beslissing zou zijn gekomen omtrent de aanvraag d.d. 23 april 2007 tot verlenging van het bevel ex artikel 126l van het Wetboek van Strafvordering, als deze op de hoogte was geweest van de door de verdediging genoemde informatie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af892b02490512f4ca60c8b6c1a3fb8018ff237fd0001f89c0c35d100237c64a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af892b02490512f4ca60c8b6c1a3fb8018ff237fd0001f89c0c35d100237c64a, en de alinea staat in dat document op bytes 68308 tot 69134.