Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 3 februari 2012
Onder 3.12. Gerechtshof 's-Gravenhage 3 februari 2012
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 3 februari 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:627.
”(...) Tot mij wendde zich in aanhef genoemde cliënt met het verzoek tot rechtsbijstand. Hiertoe heb ik mijn bereidheid uitgesproken. Cliënt legde mij de door u aan hem gerichte correspondentie voor. In deze correspondentie stelt u dat cliënt beschikt over een buitenlandse bankrekening. Ik ben thans doende de inhoud van het dossier te bestuderen. Hierop zal ik binnen vier weken inhoudelijk reageren. Intussen verzoek ik u, namens cliënt, alle correspondentie dienaangaande te richten aan mijn kantooradres. (...)”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b923d910fb373ee5b13785f358c57500db35ff61ff263872501a895800a85d33. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b923d910fb373ee5b13785f358c57500db35ff61ff263872501a895800a85d33, en de alinea staat in dat document op bytes 25049 tot 25586.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b923d910fb373ee5b13785f358c57500db35ff61ff263872501a895800a85d33 | shasum -a 256