Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 13 januari 2012

Alinea 47 Gerechtshof 's-Gravenhage 13 januari 2012

Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 13 januari 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BV2075.

7.1. Het voorschrift in artikel 6, tweede lid, aanhef en onderdeel a, onder 1°, van de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992 brengt naar ’s Hofs oordeel mee, gelet ook op doel en strekking van de regeling in artikel 20, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, dat geen mogelijkheid bestaat tot het naheffen van BPM, zolang de belasting kan worden aangegeven en voldaan, dat wil zeggen zolang het kenteken niet op naam is gesteld. Dat oordeel laat op zichzelf onverlet dat het kenteken pas op naam wordt gesteld, wanneer het volledige bedrag aan BPM is voldaan, welk laatste gegeven voor een inspecteur aanleiding is het zogeheten fiscaal akkoord aan de RDW te geven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d00a574964081a50c61ce456ac97a4c0a82b85b5512c8f52716126f9ea60aa14. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d00a574964081a50c61ce456ac97a4c0a82b85b5512c8f52716126f9ea60aa14, en de alinea staat in dat document op bytes 15108 tot 15834.