Citaat | Gerechtshof 's-Gravenhage 1 mei 2012
Alinea 58 Gerechtshof 's-Gravenhage 1 mei 2012
Een alinea uit Gerechtshof 's-Gravenhage 1 mei 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BW8580.
7.4. Artikel 9, eerste lid, AWR bepaalt, voor zover hier van belang, dat de aangifte moet worden gedaan bij de inspecteur binnen een door deze gestelde termijn. Zulks houdt in dat de aangifte tijdig is indien deze voor het einde van de termijn door de inspecteur is ontvangen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/faa2ff98564d193454ee22cb8efc440d270a7e3f2471da3884f013b89a73b905. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt faa2ff98564d193454ee22cb8efc440d270a7e3f2471da3884f013b89a73b905, en de alinea staat in dat document op bytes 17094 tot 17383.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/faa2ff98564d193454ee22cb8efc440d270a7e3f2471da3884f013b89a73b905 | shasum -a 256